Duurzaam rendeert ook economisch - verslag van mijn VOKA-stage

Op 30 juni ging ik voor de allereerste keer op VOKA-zomerstage. Dat was bij het Gentse bedrijf Christeyns, gespecialiseerd in hoogwaardige chemische hygiëneproducten, ‘zepen’ in de volksmond. Het was trouwens voor ons beiden de eerste keer. Ik was immers ook het eerste parlementslid dat Christeyns op zomerstage kreeg. En om het alvast kort samen te vatten: het was een heel aangename en leerrijke dag!

Van manager Jef Wittouck tot op de werkvloer viel me één ding erg op: gedeelde passie. En zeker toen ook eigenaar Paul Bostoen me te woord stond. Heel erg ‘preus’ is deze West-Vlaming op zijn bedrijf. Hij houdt er trouwens aan vast dat het hoofdkwartier van Christeyns in Gent blijft: “Het brein moet hier blijven.” Lokale verankering is dus belangrijk voor Christeyns. Het stelt niet enkel voornamelijk mensen uit de buurt te werk, het werkt ook samen met de Gentse universiteit, hogescholen en andere lokale partners. Toch is Christeyns ook één van de twee grootste spelers in de sector op de Europese markt.

Christeyns wil aantonen dat economie en duurzaamheid samen kunnen gaan. Of beter, in deze sector samen moéten gaan. Voor de klanten – professionele wasserijen – zijn water- en energiebesparing immers cruciaal (voor water bijv. gingen ze op 10 jaar tijd van 16l per kg textiel naar 4l per kg textiel om te wassen). Daarbovenop kunnen ze zich ook onderscheiden doordat minder agressieve stoffen in de producten ervoor zorgen dat het textiel minder snel verslijt. “In de sector van industriële reiniging heeft Christeyns dan ook het grootste gamma aan producten met een ecolabel (EU Ecolobal, Nordic Swan en Ecocert) in Europa. En daar zetten we in ons onderzoek en ontwikkeling dus heel hard op in,” aldus medewerkster Lily Neyt. Ze werken daarbij erg klantgericht. Van de meer dan 850 medewerkers in Europa én in enkele landen buiten Europa is meer dan de helft op een permanente manier bij de klant aanwezig. Door die service tracht Christeyns zich te onderscheiden. Of met de woorden van manager Wittouck: “Wassen zonder Christeyns kunnen ze niet meer. Het is die dienstverlening op maat die meer en meer het verschil maakt, niet zozeer de verkoop van producten.”

Christeyns is bovendien zelf een ‘0-loser’ wat water betreft. Het weinige afvalwater dat Christeyns niet zelf hergebruikt komt niet in het rioleringsstelsel terecht, maar wordt afgevoerd en extern gereinigd. Christeyns zal ook een belangrijke rol spelen in het innovatieve en duurzame energiesysteem op basis van eigen afvalwater en restwarmte dat de nieuwe wijk ‘De Nieuwe Dokken’ in Gent zal voeden. Het gezuiverde afvalwater uit de nieuwe woonwijk zal worden verwerkt tot proceswater dat bruikbaar is voor Christeyns, dat hierdoor op termijn 30.000 m³ minder drinkwater zal verbruiken. Op zijn beurt zal Christeyns restwarmte leveren aan de wijk. Twee derde van de warmtevraag van de nieuwe wijk zal hierdoor ingevuld worden!

En ik kan nog even doorgaan. Een deel van de nieuwe site aan de overkant van de Afrikalaan (daarvoor moet je de fameuze transportbrug over de Afrikalaan door) huisvest City Depot, dat goederen van vrachtwagens verzamelt en die dan weer met kleinere en meestal elektrische wagens levert in de binnenstad, waardoor er geen zware vrachtwagens de stad in moeten. Twee van de drie daken van die nieuwe site zijn nog vrij. Christeyns onderzoekt of er zonnecellen op geplaatst kunnen worden. Daarnaast bekijkt men ook samen met de Universiteit Gent de piste of de energie die vrijkomt in het bedrijf niet kan opgeslagen worden in batterijen om bijv. wagentjes aan te drijven. In het bedrijf zijn er ook 92 meetpunten van energie om de medewerkers er voortdurend op attent te maken geen energie te verspillen. En voor alle duidelijkheid. Dit alles niet enkel omdat men gelooft in duurzaamheid, maar omdat duurzaamheid gewoonweg economisch rendeert.

Een ander stokpaardje van mezelf is werkbaar werk. Ik was erg benieuwd hoe Christeyns dat op de werkvloer zelf aanpakt. Christeyns diende een ESF-dossier in voor het project “Beter organiseren” en haalde dat ook binnen. De focus ligt op het upgraden van laaggeschoolde arbeiders via een innovatieve arbeidsorganisatie. Dat gaat over het aanmoedigen van enthousiasme, het delen van ideeën, zelf initiatief nemen, autonomie krijgen, laat technisch directeur Johan Hofman me weten. Een mooi voorbeeld is hoe de arbeiders zelf voorstellen konden doen om hun werkposten te hertekenen. Die transitie is nu volop bezig in het bedrijf.

Ik zou nog even door kunnen gaan. Maar ik wil nu vooral alle enthousiaste mensen die werken bij Christeyns bedanken voor de warme ontvangst en de leerrijke ervaring, in het bijzonder ook de knappe koppen van de jonge ploeg in het labo, dat na meer dan 70 jaar (Christeyns werd opgericht in 1946!) toch wel de spil van het bedrijf geworden is in een niche sector die voortdurend in verandering is. Merci! En bedankt natuurlijk ook aan VOKA voor deze mooie kans.

Datum agenda: 

donderdag, juli 20, 2017